Zeg nooit zoo-maar een Zoo!

Zeg nooit zoo-maar een Zoo!


door Sven Willemsens

Een zoo:
Een gebied met verblijven voor dieren. En daarmee is alles gezegd. Of toch niet? Hieronder volgt een beschrijving van verschillende types zoo’s. Uiteraard is het niet de bedoeling je hierop blind te staren. Doordat zoo’s constant verbouwen en evolueren, is het moeilijk een vaststaand type te bepalen, vaak zal men dan ook overgangsfasen kunnen zien waar tuinen een combinatie zijn van verschillende types.












De stadszoo:
Een van de oudste en meest herkenbare types zoo. Dieren zijn vaak gegroepeerd per familie: bv vogelhuis, kattengalerij. De gebouwen zijn doorgaans in een monumentale stijl en staan meestal ook als monument geregistreerd. Deze tuinen zijn doorgaans beperkt in oppervlakte en liggen in of aan de rand van een grote stad. Bekende stadszoo’s zijn onder andere Zoo Antwerpen, Artis Amsterdam en Jardin des plantes Parijs.

De Hagenbeck zoo:

Carl Hagenbeck zorgde voor een revolutie in de zoowereld. Hij was de eerste die tralieloze verblijven introduceerde voor roofdieren en het begin legde van natuurlijk ingerichte onderkomens. Deze techniek is door verscheidene zoo’s overgenomen waar de afscheidingen bestaan uit grachten en betonnen kunstrotsen. Alhoewel deze techniek intussen achterhaald is en al helemaal niet meer als natuurlijk aangekleed verblijf wordt beschouwd was het een gigantische stap voorwaarts in het huisvesten van dieren. Tuinen met een hagenbeck stijl zijn onder andere: Hagenbeck zoo Hamm, Burger’s zoo Arnhem, Parc Zoologique de Paris.

Het safaripark:
In tegenstelling tot een gewoon dierenpark, zijn er geen verblijven ingeplant; het park is gewoon verdeeld in grote zones waar dieren gecombineerd worden. het klassieke beeld van een ‘savanne” met giraffen, zebra’s struisvogels, …. Deze parken worden dan ook doorgaans met de auto bezocht waarbij men zich letterlijk tussen de dieren begeeft. Er bestaan ook wandelsafari’s waar men op diverse plekken uitkijkpunten heeft over de gebieden. Bekende safariparken zijn onder ander safaripark Beekse bergen, Monde Sauvage aywaille.










Het dierenpark:

Ook dit is al een ouder type zoo, maar waar in een gewone zoo de gebouwen en verblijven overheersen, ligt hier de nadruk op het park waar op diverse plaatsen verblijven zijn ingeplant. De verschillende verblijven zijn als het ware “versmolten” met de omliggende natuur. Dierenparken liggen vaak een eindje van grote steden en hebben meestal ook een groter oppervlak ter beschikking. Bekende parken zijn onder andere: Dierenpark Planckendael, Dierenpark Amersfoort.

De “Duitse” tuin:
Dit type tuin is erg herkenbaar. Alle verblijven zijn vergelijkbaar en bestaan grotendeels uit beton. Uiteraard is er naar de behoeftes van de dieren gekeken, maar functionaliteit staat op de eerste plaats. Prachtige verblijven, natuurgetrouwe inrichting, etc moet je dus niet verwachten in dergelijke tuin. Uiteraard is dit type tuin niet beperkt tot Duitsland, ook in andere landen kan men dit tegenkomen. Het is echter wel zo dat erg veel Duitse zoo’s voornamelijk uit dergelijke typische verblijven bestaan. Typische “Duitse” tuinen: Zoo Dortmund, allwetterzoo Munster, Zoo Osnabruck.

De Erlebnis zoo:

In schril contrast met bovenstaande type, zijn er ook verschillende tuinen die erop mikken hun bezoekers te overdonderen en proberen hen te overtuigen dat ze echt in de vrije natuur zijn. Verblijven en bezoekersdeel gaan naadloos in elkaar over, aankleding en afwerking zijn natuurgetrouwe replica’s van “the real thing”. Voornamelijk in Duitsland zijn er verschillende tuinen die deze overstap geheel of gedeeltelijk gemaakt hebben, vandaar ook de Duitse benaming. Er zijn echter ook verschillende tuinen in andere landen die langzaam ombouwen van gewone tuin naar erlebnis zoo. Typische erlebnis zoo’s: Zoo Hannover, Zoom Erlebniswelt Gelsenkirchen.

De gespecialiseerde tuin:
Deze tuin valt voornamelijk op door de collectie dieren en niet door zijn stijl of inrichting. Men heeft in deze tuin gekozen voor een gespecialiseerde bezetting. Meestal houdt dit in dat men dieren toont uit 1 familie, zoals een vogelpark of een apenpark. Voorbeelden hier zijn bv: dolfinarium Harderwijk, vogelpark Walsrode, Apenheul